Bloembollen planten in het najaar
Het bloembollenseizoen is weer van start! Van september tot de eerste vorst kun je lentebloeiende bloembollen planten, zodat je vanaf het vroege voorjaar kunt genieten van prachtige bloemen in alle kleuren. Narcissen, sneeuwklokjes, krokussen en blauwe druifjes mogen niet ontbreken in jouw tuin en zorgen voor de eerste vrolijke kleuren in een nog kale voorjaarsborder.
Deze lentebloeiers met bloemen vol nectar zijn ook een belangrijke voedselbron voor insecten. De hommels beginnen al in februari te vliegen en gaan direct op zoek naar voedsel. Zo zorgen deze bloemen niet alleen voor een levendige tuin, maar voorzien ze ook de vroege insecten van de energie die ze nodig hebben.
Waar en wanneer plant je bloembollen?
De bloembollen die in het voorjaar tot bloei komen, moeten in het najaar worden geplant. Zorg dat je ze in de grond stopt voordat het gaat vriezen. Maak een overzichtelijk schema en plant verschillende soorten bloembollen in groepen bij elkaar. Varieer ook in bloeitijden, zodat je vanaf februari tot mei/juni altijd bloemen hebt.
Bloembollen kunnen zowel tussen vaste planten in de border als in potten op het terras of balkon worden geplant. Laat je creativiteit de vrije loop en plant bijvoorbeeld krokussen en kleine narcissen in het gazon. Let dan wel goed op wanneer je de grasmaaier weer tevoorschijn haalt!
Plant jouw aangekochte bloembollen zo snel mogelijk. Indien je ze niet meteen kan planten, bewaar ze dan in een papieren zak op een droge, goed verluchte plaats!
Bloembollen in de volle grond
Bloembollen planten is helemaal niet ingewikkeld, maar er zijn wel enkele regels die je in acht moet nemen:
- Bloembollen gedijen bijna overal, zolang de grond niet te nat is, anders kunnen ze gaan rotten. Een goed doorlatende grond is dus belangrijk, en plant ze bij voorkeur op een zonnige plek.
- Maak de grond vooraf goed los en maak een plantgat met een spade, een plantschopje of een bloembollenplanter, een handig ding om de klus een stuk vlotter te laten verlopen. Plant de bol op de juiste diepte, over het algemeen is dit 2 tot 3 keer de hoogte van de bol, met minstens 5 cm diepte. Voor bloembollen die in het voorjaar geplant worden, is een iets minder diepe aanplant nodig zodat ze meer warmte kunnen ontvangen.
- Voor kleinere bloembollen kan je ook een geul graven en ze daarin plaatsen.
- Zorg ervoor dat je de bloembol met de punt naar boven plant.
- Leg de bloembol in het plantgat, duw hem niet in de grond.
- Houd je aan de aanbevolen plantafstand die op de verpakking vermeld staat.
- Als de grond voldoende vochtig is, hoef je geen extra water te geven.
Bloembollen die al een paar jaar in de grond zitten, kunnen na verloop van tijd minder gaan bloeien. Ze zijn ook kwetsbaar voor ongedierte, zoals de grote narcisvlieg, die haar eitjes legt aan de voet van de plant. De larven eten vervolgens de bol op. Plant daarom regelmatig nieuwe bollen om elk jaar weer van een bloemenzee te genieten.
Bloembollen in pot
Als je bloembollen in pot plant, is het belangrijk om ze niet te dicht bij de rand te plaatsen om vorstschade te voorkomen. Zorg ervoor dat de pot een opening aan de onderkant heeft, zodat overtollig water kan weglopen. Om een goede drainage te garanderen, leg je wat scherven of hydrokorrels op de bodem. Gebruik potgrond voor bloeiende planten, deze bevat de juiste voedingsstoffen.
Kies ervoor om ofwel één soort plant per pot te plaatsen of verschillende soorten in lagen te planten, volgens het principe van een bloemenlasagne. Zorg dat je een grote, diepe pot gebruikt als je voor deze laatste optie gaat.
Welk effect wil je bereiken?
Bloembollen zijn veelzijdig: ontdek hoe je ze kunt gebruiken voor kleur, meerjarige bloei of een natuurlijke verwildering in de tuin.
- Als éénjarigen: dit gebeurt meestal wanneer bloembollen worden gebruikt voor een opvallend kleureffect. Denk aan bloemperken met opeenvolgende krokussen, tulpen en hyacinten, zeeën van blauwe druifjes (Muscari) of lange linten met grote narcissen. Ook keizerskronen, sieruien en opvallend gekleurde tulpen zijn echte blikvangers. Vooral bloembollen met sprekende kleuren zoals rood, geel, blauw en paars zijn hiervoor geschikt. Door verschillende soorten met een opeenvolgende bloeiperiode te combineren, kun je bovendien wekenlang genieten van kleur.
- Als meerjarige beplanting: dit noemen we 'meerjarenbloei'. Hierbij blijven eenmalig geplante voorjaarsbollen na de bloei in de grond zitten en krijgen ze rustig de tijd om af te sterven en zich ondergronds voor te bereiden op het volgende groeiseizoen. Deze voorjaarsbollen volgen eigenlijk dezelfde cyclus als vaste planten en kunnen deel uitmaken van een bestaande meerjarige beplanting. Denk bijvoorbeeld aan narcissen, krokussen, hyacinten, sieruien en botanische tulpen. Het is belangrijk om de kleuren, bloeitijden en hoogtes van de bloembollen en de vaste planten goed op elkaar af te stemmen. Zo kunnen de bloembollen voor kleur zorgen voordat de vaste planten volop in bloei komen en neemt de vaste beplanting daarna het stokje over.
- Bollen die geschikt zijn voor verwildering hebben nog net iets meer te bieden dan de bollen die onder de meerjarigen vallen. Verwilderingsbollen blijven na de bloei ook in de grond zitten en komen elk jaar terug, maar onder ideale omstandigheden breiden ze zich vanzelf verder uit. Verwilderingsbollen kunnen zelfstandig groeien, zoals sneeuwklokjes en krokussen in gazons en bermen, maar ze kunnen ook deel uitmaken van bestaande beplanting, bijvoorbeeld in plantvakken met bodembedekkers onder bomen en struiken. Ook Scilla, botanische narcissen, Crocus tommasinianus, Tulipa tarda en Allium sphaerocephalon zijn hiervoor geschikte soorten. In zo'n natuurlijke setting zijn felle, opvallende kleuren minder geschikt; hier passen juist subtiele tinten zoals zachtgeel, blauw, lila en wit. Door verschillende verwilderingsbollen te combineren, ontstaat na verloop van tijd een natuurlijk ogend bloemenbeeld dat ieder voorjaar opnieuw terugkomt.
Moet je bloembollen uit de grond halen?
Laat de meeste voorjaarsbloeiers gewoon in de grond zitten. Soorten zoals boshyacint, blauwe druifjes en sneeuwklokjes vermeerderen zichzelf. Je krijgt er elk jaar meer van. Sommige soorten kunnen wel na verloop van tijd wat minder mooi bloeien. In dat geval kan je bij ons terecht voor nieuwe bloembollen waar je opnieuw jarenlang plezier van hebt.
Zomerbloeiers zoals dahlia’s en begonia’s kunnen niet tegen vorst en moeten na de bloei uit de grond gehaald worden. Bewaar ze op een vorstvrije plek, zodat je ze volgend voorjaar opnieuw kan planten. Gebruik een bloembollenmand om ze gemakkelijk te verwijderen zonder ze te beschadigen.
-
Maak een bloembollen lasagne
Combineer verschillende bloembollen in een bloembollen lasagne en geniet lange tijd van jouw bloemen in pot.
-